Logo zutphensekoerier.nl


Foto: Tim Pardijs
Tole Bobbink Tole Bobbink

Bijdehand

  Column

Wanneer ik laat op de avond met een stuk cervelaatworst buiten zit, komt Lotje met vliegende vaart op me af rennen. In een rechte lijn komt ze naar me toe en volgt duidelijk haar neus. Ze kijkt om zich heen en als ze doorheeft dat de lekkere luchtjes die ze ruikt, afkomen van het stukje cervelaatworst dat ik vast heb, gaat ze zo dicht mogelijk tegen me aanzitten.

'Sorry Lotje, dit is cervelaatworst. Varkensvlees is te vet voor je darmen en de kruiden zijn slecht voor je maag.'

'Wie zegt dat?'

'Het internet.'

'Dat mag ik best. Hoe kan Internet nou weten wat ik wel of niet mag? Geef me gewoon een stukje, ik zal het niet aan Internet vertellen.'

'Honden mogen niet bedelen, Lotje.'

'Ik ben geen hond en ik bedel niet. Ik vraag het gewoon vriendelijk. Geef.'

Ter afleiding begraaf ik een bot in de tuin dat ze mag opgraven. Vindt ze ook leuk, maar minder leuk dan cervelaatworst. Als ze het bot gevonden heeft en er mee op het grind ligt, komt haar kop omhoog.

'Hoe ken jij Internet?'

'Via m'n telefoon.'

'Is dat wat je heel de dag doet op dat ding, praten met Internet over wat ik wel en niet mag?'

'Ja, en uitvogelen of het normaal is dat loopse honden extra bijdehand doen.'

Ze springt op. 'Uitvogelen? Zie je vogels? Ik hoor ze niet. Waar zijn ze dan?'

'Kom Lotje, dan gaan we nog een rondje lopen. Ik verveel me.'

'Jij verveelt je en daarom moet ik mee lopen? Alleen als ik voorop mag.'

'We gaan oefenen met het lopen aan een slappe lijn.'

'Slappe lijn is saai. Ik wil strakke lijn.'

Terwijl we wandelen, vraag ik Internet hoelang loopsheid duurt.

reageer als eerste
Meer berichten


Shopbox