Foto: Tim Pardijs
Tole Bobbink

Column Tole Bobbink: Zwemmen

  Column

Door Tole Bobbink

Het is maandagochtend, de dag na het weekend waarin Lotje heeft leren zwemmen. Mijn vriendin staat in vol ornaat klaar om naar het werk te gaan en buigt zich over Lotje heen om haar een afscheidsaai te geven, zoals gebruikelijk is wanneer ze gaat werken. Lotje kijkt haar aan en geeft een klein piepje. Mijn vriendin aait over haar buik en piept terug, licht spottend maar toch vooral heel vrolijk.

Enthousiast springt Lotje van haar stoel en loopt kwispelend een rondje over het kleed, waarna ze verwachtingsvol, met haar pootjes strak tegen de voeten van mijn vriendin aan, klaar gaat zitten.

'Wat heb je gezegd,' vraag ik.

'Geen idee, maar ze heeft er in ieder geval zin in.'

'Misschien heb je wel gezegd dat ze een gebraden kip te eten krijgt en vervolgens een uur achter de bal aan mag zwemmen.'

'Honden mogen niet zwemmen met volle maag, dan kan de maag omdraaien en kunnen ze doodgaan.'

'Ja, dan had je het haar niet moeten beloven. Nu heeft ze zin in gebraden kip en zwemmen.'

Lotje kijkt naar mij. Ze rekt zich uit en piept, dit keer met een ingehouden blaf erbij.

'Nou, wat je ook gezegd hebt, die heeft er zin in.'

Lotje heeft door dat wat mijn vriendin in hondentaal tegen haar gezegd heeft, niet gaat gebeuren. Of in ieder geval niet zonder aandringen en overtuigen. Ze rent naar buiten en gaat naast de riem zitten die buiten heeft gelegen om te drogen.

Als ook dat niet helpt, mijn vriendin wandelt naar de trein en ik ruim de keuken op, zie ik Lotje traag naar de zithoek in de tuin lopen. Ze laat zich op de grond ploffen en ze kreunt langer dan gewoonlijk. De teleurstelling is er vanaf te zien. Ze wil zo graag zwemmen, maar het is weer maandag.

Meer berichten