Tole Bobbink

Column Tole Bobbink: Afval

  Column

Mijn opa heeft gebeld met de vraag of ik een zak plastic afval voor hem weg wil brengen. De container staat aan het eind van de gang, maar dat redt hij niet meer.
'Ik heb gisterochtend een beetje rotzooi weggebracht, maar dat was een opgave. Dan denk je wel: iedere dag wordt beter, hè, maar iedere dag wordt het slechter. Ik zie er al tegenop om de post te moeten halen.'
Ik kijk naar opa en zie dat hij weer is afgevallen.
'Het is zo verschrikkelijk als ik moet verhuizen en de scootmobiel niet meer heb, want dan ben ik verloren.'
'Wil je toch verhuizen, opa?'
'Gister dacht ik er nog niet over na, maar het verandert van dag tot dag. Ik werd daarstraks wakker en had ineens mijn kleren aan. Ik denk: dat kan niet. Ja, ik weet ook wel dat ik vanmorgen opgestaan ben en door Buurtzorg in mijn stoel gezet, maar ik kan het me niet herinneren.'
Hij kijkt me verbaasd aan en we lachen naar elkaar.
'Ik slaap tegenwoordig de hele dag en gewoon zitten is al een opgave. Het is een schande. En eten doe ik ook al niet meer. En als je niet eet, word je ook zo slap, hè?'
'Als je niet kunt eten, opa, drink dan een extra Nutridrink.'
'Ja, dat kan misschien wel.'
Ik zet nieuwe koffie, water en een extra Nutridrink op zijn rollator. Ik pak zijn telefoon om te controleren hoe vol zijn accu is, of hij me kan bellen in geval van nood.
'Wat doe je,' vraagt hij geschrokken, 'wat is er aan de hand?'
'Ik kijk hoe vol je accu nog is.'
'Die is nog vol,' zegt hij zonder twijfel.
Mijn opa is misschien moe en ziek, maar niet gek.
'Opa,' zeg ik, 'tot morgen.'
'Tot ziens jongen, en bedankt dat je er was.'

Meer berichten