Foto:
Column Op fietse door Z.

Sleutelkastje

Benno Geerlings - Al 35 jaar klaverjas ik met drie vrienden. Gemiddeld twee keer per jaar reserveren we daar een weekend voor. Zaterdagmiddag samenkomen, tot diep in de nacht kaarten en bijkletsen. Bier is troef. Op de zondag is paracetamol aan slag. Tegenwoordig maken we het minder laat, om voor de hand liggende redenen. De gesprekken gaan naast de platte zaken en ons werkende leven steeds vaker over onze eigen toenemende gebreken en de gezondheidstoestand van onze geliefden. Het zijn existentiële boompjes die we spelen. Onze eigen sterfelijkheid en die van onze ouders in zoverre die nog leven, komen op tafel. De drank maakt de gesprekken luidruchtiger en de bevindingen waziger naarmate de avond en/of nacht vordert. Het is waardevol.

Op klaverkater-zondag hou ik net iets meer van lief K. en bel ik mijn ouders. Ze leven nog zelfstandig thuis. Dat willen ze ook volhouden en ik wil ze nog zo lang mogelijk bij me houden. Bij hen zijn de toenemende gebreken dagelijkse gespreksstof. De pijn is er blijvend, hun liefde voor elkaar sterker dan ooit. Ik ben er vaker dan vroeger en help ze meer. De rollen zijn omgedraaid. Het is confronterend maar waardevol. Naast de hulp door de kinderen worden ze bijgestaan door de thuiszorg. Ze hebben allebei een alarmknop aan een koord om de hals hangen. In een noodgeval kunnen ze die indrukken. De thuiszorg wordt gealarmeerd en klinkt er een bezorgde stem via de intercom in de kamer. "Meneer en mevrouw Geerlings is alles goed daar? Bij geen antwoord staan ze binnen de kortste keren in huis door middel van het sleutelkastje dat buiten aan de muur hangt. In vergrijzend Z. wemelt het van de sleutelkastjes. Lange tijd vroeg ik mij af waar die kastjes voor dienden terwijl ik op fietse door de stad denderde. Sinds ik als fietskoerier bij seniorenwoningen bezorg en mijn ouders zelf ook zo'n kastje hebben, weet ik het.

Het is zondagmiddag, de middag na het klaverjassen. Ik ben op weg naar huis. Bij de Polsbroek zie ik een groep van die kastjes hangen. Waar nodig zal er iemand met piketdienst zorg toepassen. Helden zijn het. Thuisgekomen zoek ik katerig en tevergeefs in mijn zakken naar mijn huissleutel. Geen alarmknop om mijn hals en geen sleutelkastje naast de deur. Gelukkig heb ik thuiszorg binnen zitten.

Meer berichten