Logo zutphensekoerier.nl


De Schepenbank in het vleeshuis naast het stadhuis. (Foto: Stedelijke Musea Zutphen / Tekst: A.C. ter Hoek)
De Schepenbank in het vleeshuis naast het stadhuis. (Foto: Stedelijke Musea Zutphen / Tekst: A.C. ter Hoek) (Foto: Stedelijke Musea Zutphen)
Historisch Zutphen

Historisch Zutphen Het Zutphense stadhuis (4)

In de serie heb over het stadhuis heb ik beloofd het nog te hebben over de Burgerzaal.
In het midden van de 15e eeuw is er sprake van een vleeshuis naast het stadhuis. Daar werd vlees verkocht op tafels die gehuurd moesten worden van de stad. In het midden van de 16e eeuw staat in dat pand de oostelijke de schepenbank. Gezeten in die bank spraken de schepenen hun vonnis uit. Het was een eenvoudige houten bank met een wat mooier middenstuk. Als in 1811 bij Keizerlijk decreet, we waren door de Fransen bezet, de schepenbanken verdwijnen wordt de voormalige vleeshal vestibule van het gerechtsgebouw dat in een deel van het stadhuis zit. Wat later wordt de schepenbank verwijderd, alleen het mooiere middenstuk komt in de oudheidkamer, maar dat verbrandt bij de bevrijding in 1945. Het schilderstuk in 1542 gemaakt door Faess de Maeire voor 8 stadsgulden, stelde een rechtshandeling voor met op de achtergrond een gezicht op de stad. In 1891 zoekt men een plaats voor een overdekte boterhal. Tot dan wordt de boter onoverdekt op de markt verkocht. De raad wil daarvoor het voormalige vleeshuis afbreken en er een gietijzeren markt hal voor terugzetten. Volgens Jonkheer mr. de Stuers van de Wiersse is dat heel jammer en kan de hal er best voor aangepast worden. Een voorstel aan de raad om de hal toch af te bereken wordt met 7 tegen 6 stemmen verworpen. In 1893 wordt de hal als proef ingericht als boterhal. Dat bevalt want in 1896 krijgt de bekende architect J.Th. J. Cuypers opdracht de hal te restaureren. De plafonds worden verwijderd, de ramen verbreed en er worden dakkapellen geplaatst. Hierdoor komt er meer licht binnen. De muren worden afgebikt, waarmee ook de schildering verdwijnt, en witgepleisterd. In 1899 wordt de botermijn in de hal gevestigd en later ook de eiermarkt. Dit duurt zo tot begin jaren 40. Daarna wordt hij opslagplaats voor de gemeente. Midden jaren 50 worden de dakkapellen verwijderd en de ramen versmald en voorzien van glas en lood ramen. De tafels zijn gemaakt door de fa. Ronk en Egthuizen, de lampen door de smid Meijerink beiden uit Zutphen. Op de plaats van het fresco komt een wandtapijt met een gezicht op de stad rond 1500 en de wapens van de vier kwartieren van het Hertogdom Gelre.

Meer berichten


Shopbox